Allereerst het debat tussen persvrijheid en het respecteren van de gebruiken binnen een religie. In deze tijd is er binnen de Westerse wereld het idee ontstaan dat we vrijheid van meningsuiting hebben en dat de pers beschikt over persvrijheid, echter waar ligt de grens? Als je gelooft in vrijheid in de puurste zin van het woord zou er geen grens moeten zijn. Met de cartoonrellen was er een duidelijke grens overschreden. De reacties waren zeer extreem en zelfs op Denemarken als land gericht. In het stuk komen verschillende invalshoeken aan bod, ik kon me het meest vinden in het onderstaande:
‘Ik wil geen religieuze gevoelens beledigen, maar ik ga me ook niet onderwerpen aan tirannie. Eisen dat mensen die de leer van Mohammed niet accepteren hem ook niet mogen afbeelden, is geen vraag om respect maar een eis tot onderwerping.’ (pagina 3)
Een ander punt wat me opviel aan de discussie was dat media elkaar napraten en niet echt meer de feiten controleerden. Dat de meesten al met een mening klaarstonden zonder ook maar enige belemmering te voelden van kennis van zaken. Dit merk ik in de media steeds vaker en verontrust me. Een goede journalist heeft naar mijn idee de plicht om zijn lezers een zo goed en objectief mogelijk beeld te kunnen geven van een bepaalde situatie. Eigenlijk zouden ze voor journalisten als ze afgestudeerd zijn, net als dokters, een eed af moeten laten zeggen waarbij ze zweren hieraan te voldoen. De volgende zin uit hoofdstuk twee van <undo> stoorde me vanzelfsprekend:
Objectiviteit is een commercieel ideaal, een bewijs van een goede verkoopstrategie en niet zozeer een noodzakelijke voorwaarde voor ‘goede’ journalistiek. (pagina 11)
Hier ben ik het totaal mee oneens. Nu ben ik me ervan bewust dat objectiviteit niet in de idealen van elke journalist voorkomt en dat het waarschijnlijk een utopische gedachte is dat dit ooit een noodzakelijke voorwaarde zou zijn. Daarentegen is het absoluut geen commercieel ideaal. De objectieve waarheid verkoopt zeker niet beter dan een van een kant belichte, halve waarheid. Waarom zou anders de Telegraaf de meest gelezen krant van ons land zijn?
<Undo> sluit af met een kritische noot naar de huidige Westerse, gedigitaliseerde samenleving.
De waarheid – daar hebben voorgaande generaties klaarblijkelijk voor gezorgd – vertrouwen ze niet, verwachten ze niet en willen ze misschien niet eens meer; maar laat het dan in 's heren naam echt zijn, geloofwaardig of origineel. Dat is uiteindelijk ook waar ze elkaar keihard op afrekenen. Nep, en dat is de derde paradox van de digitale cultuur, is niet altijd genoeg. (laatste pagina)
De waarheid is vloeibaar, ik zou bijna zeggen vluchtig of verdampt. Iedereen kan zijn of haar eigen waarheid naar de hand zetten en manipuleren.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten